zaterdag 28 november 2020

1e Advent

1e Advent: Jezus is het Licht voor de wereld.

Jezus zegt: ‘Ik ben het Licht voor de wereld. Als je mij volgt, leef je niet meer in het donker. Dan hoor je bij het licht dat leven geeft’. Johannes 8:12


Het is donker, je ziet helemaal niets

Hoor, een stem, Jezus zegt iets:

Ik ben het Licht

volg Mij, dan heb je altijd goed zicht.

zaterdag 21 november 2020

Ik wil het zien

 

Ik wil het zien

en ik wil wegkijken.

Ik wil het horen

en ik wil mijn oren dichtstoppen.

Ik wil erbij zijn

en ik wil me afsluiten.

Ik ben bang wat te missen

en ik ben bang voor wat ik te zien krijg.

 

Ik wil toekijken

als een kat uit de boom

verstopt, zonder rol, 

zonder opgemerkt te worden.

 

Ik wil horen

zonder dat iemand weet

dat ik er ben.

 

Ik wil herkenning vinden,

zonder dat altijd te delen.

 

Maar dat alles is zo koud, zo kil,

zo alleen, zo vervelend.

 

Ik wil erbij zijn, meemaken wat jou blij maakt

maar ik vrees het moment dat het mij te hard raakt.

Ik wil mee-leven,

maar soms voelt dat meer als over-leven.

 

Soms kom ik tevoorschijn

mijn angst en voorbehoud voorbij

soms trek ik me terug

wenste ik alles achter de rug.

 

Ja ik wil naar buiten

en ja ik wil ook hier blijven.

Ik wil het niet onderdrukken

maar ook niet overdrijven.

 

Wat zal ik kiezen?

Wil ik wel een keuze maken?

of steek ik mijn hoofd in het zand

want dan kan niets mij raken?

 

Misschien van allebei een beetje

want, lieve ik, weet je:

al die sociale media

en al die kijk-hoe-blij-wij-zijn-reclames

ze kunnen je zo heen en weer slingeren

tussen hopen, wensen, afschuw, kippevel,

ze kunnen je laten genieten en je laten huilen,

maar vertrouw dat je altijd, met alles, bij Vader mag schuilen!

zaterdag 7 november 2020

Kan het zo blijven?

 

Oh jongens, kan het zo blijven? zeg ik zachtjes tegen mijzelf tijdens een vroege wandeling. De koude lucht, die zelfs een beetje pijn doet aan mijn gezicht. De wolkjes die ik blaas als ik uitadem. De vorst die zich laat zien. Allerlei vogels die van zich laten horen, niet al te luidruchtig. Ganzen die overvliegen. De oranje lucht, waar straks de zon op komt.

Kan het zo blijven? Die rust. Die stilte. Geluiden die er wel zijn, maar die ik langs me heen laat glijden. Een fijne, kalme start van de dag.

Kan het zo blijven? Dit hele seizoen, tot aan het voorjaar? Zo vind ik het najaar en de winter wel fijn.



Die lucht, die ruimte, dat land, dat water, die zon... genieten



Ik gaf de camera opdracht creatieve foto's te maken, dit was er 1 van





Al nieuwe knoppen aan de bomen, terwijl het oude blad er nog aan zit



dinsdag 3 november 2020

Dankdag

Kan ik wel danken?

Wil ik wel danken?

De wereld schreeuwt zo vaak van niet:

zoveel leed, zoveel verdriet.

 

Kan ik wel danken? 

Wil ik wel danken? 

’t Eigen hart schreeuwt zo vaak van niet:

zoveel zeer, zoveel failliet.

 

Kan ik wel danken? 

Wil ik wel danken?

Of zal ik dit jaar overslaan?

Dat zal Hij toch wel verstaan?

 

Ik kan wél danken.

Ik wil wél danken.

Maar alleen als U mij helpt, Heer

is er dank die resoneert.

 

Richt mijn blik omhoog,

leer mij zien Uw boog

van trouw en zorg in mijn leven

ik mag mij overgeven.

 

Wat er ook gebeurt

hoe men schreeuwt en treurt

hoe ik word geleefd, meegesleurd

ik geloof: U huilt en treurt

 

met de wereld mee.

Maar meer nog, U heeft

al recht gedaan en doet dit nog

U, mijn Helper, machtig God!

 

Ik kan wél danken

ik wil wél danken.

Zet U zelf mijn loflied maar in

U zij dank, U overwint!  

zaterdag 31 oktober 2020

Uitglijden

Achter in mijn tuin staat een boom die nu in het najaar van die mooie rode bladeren krijgt. Als die er af vallen, komt een deel ervan op het pad terecht. In plaats van een saai grijs tegelpad, wordt het een tapijt van rood, geel, groen, bruin.


zaterdag 24 oktober 2020

Laat maar klinken

 

Laat maar klinken

met je stem

je blijdschap, je verdriet,

je vragen, aan jezelf, aan Hem.

 

Laat maar klinken

je vuisten

bonzend op elke deur

doe toch open, zie mij, luister.

 

Laat maar klinken

je handen,

roffelend en werkend

aan je toekomst, zonder schande.

 

Laat maar klinken

je snikken

om wat mislukt, om die

brok, die je niet weg kunt slikken.

 

Laat maar klinken

de stilte

die alles overschreeuwt

geen woorden, klanken, maar kilte.

 

Laat maar klinken

je lach en

je geluk, als het niet

te beschrijven is, met geen pen.

 

Laat maar klinken

j’ instrument

verklank, vertolk, ruim baan

aan wat je raakt, je overstemt.

 

 “Laat maar klinken

mijn dochter, mijn zoon,

alles wat in je leeft,

kom maar met je unieke toon.

 

Laat maar klinken

mijn zoon, mijn dochter

alles wat in jou stierf, 

je dalen, je haarspeldbochten.

 

Laat maar klinken,

niets is fout,

denk niet dat niemand hoort

en begrijpt wat jou zo benauwt.”

 

Laat maar klinken

bij de Heer

ben je veilig, Hij zegt:

“Mijn kind, kom maar, leg alles neer.”

              

Hij laat klinken:

“IK bevrijd,

het oude is voorbij,

IK leef, jij leeft, nu al, met Mij!”

zaterdag 17 oktober 2020

Water

 


Ik kijk naar buiten. Er komt een koolmees de tuin in, die water uit de schaal drinkt die er speciaal voor de vogels staat. Hé wat leuk, hij vindt die schaal, hij vindt dat water. Al na een paar slokjes stopt hij met drinken. ‘Was het water niet lekker?’ schiet er door mij heen. Ik moet het dan direct maar even verversen. Eerst schoenen aan, want ik loop nog op mijn huissokken. Water mee. Schoon water in de schaal. ‘Kijk vogels, asjeblieft, schoon water voor jullie’ zeg ik zachtjes. Ze verstaan mij niet, maar ik hoop dat ze terugkomen.

En ik bedenk dat de Here God gelukkig veel beter voor ons zorgt dan ik voor de vogels. Pas toen de koolmees had gedronken, kwam ik in actie. En ik moest eerst nog voorbereidingen treffen voordat ik het water kon verversen. Hoe anders gaat dat bij de Here. Nog voor wij dorst hebben, nog voor we de behoefte hebben aan water, heeft de Here God het water al klaargezet. Voor wij op zoek gaan, biedt Hij het al aan. Heeft Hij ons al gezien en is Hij bewogen met ons. Het water dat Hij geeft is altijd vers, altijd op voorraad, je wordt er niet ziek van. Beter nog: het is Levend water. Als je dit hebt gedronken, heb je niets anders meer nodig.

Horen wij Zijn stem, Die ons uitnodigt om te komen drinken? Durven we zeggen tegen Hem en tegen elkaar dat onze eigen bron droog staat? En we dus niet zonder Hem kunnen? Geloven we Hem, dat Hij het levende water geeft? Dat het niet alleen voor anderen is, maar ook voor u, voor jou? Durf jij Hem vertrouwen? Wil jij drinken?

En ik bid, dorstig als ik ben: Heer, help mij te blijven drinken uit Uw bron. Dat is de plek waar ik U tegenkom. Dan blijf ik in leven. En maak van mij een bron die Uw water doorgeeft. Dat ook anderen U tegenkomen en leven. Voor altijd.